Je bent hier:  Home arrow Mensen arrow S arrow Jorge Stanga: de drugs gebruikten mij

Jorge Stanga: de drugs gebruikten mij PDF Afdrukken
zondag 16 december 2007

Jorge StangaJorge Stanga (schuilnaam) kent heel goed het gevaar en de verleiding van drugs:
“Het lijkt zo mooi en ik moet eerlijk zeggen dat alles in het begin ook echt mooi is. Je kunt meer presteren, bent vrolijker, alles ziet er rooskleuriger uit.”
”Toen ik geld had, had ik ‘vrienden’ en toen mijn geld op was, waren ze verdwenen. Ik had niets meer. Geen werk, geen vrouw, geen leven!”

Op Curaçao komt hij al jong in aanraking met drugs. Het begint met roken en drinken, dan volgt blowen, vervolgens cocaïne. Na jaren van verslaving en opnames ontdekt hij dat het hem niets heeft opgeleverd en dat hij niets bereikt heeft. In Speransa op Curaçao en later bij De Hoop in Nederland, leert Jorge dat zijn leven waardevol is voor anderen en voor God.

Jorge wordt in 1974 geboren op Curaçao. Bij zijn geboorte is hij erg ziek en als kind moet hij vaak geopereerd worden. Met zijn ouders, een Colombiaanse zanger en een Curaçaose, zijn broer en zusje woont hij tot zijn vijftiende in het huis van zijn oma. “Ik heb een goeie jeugd gehad”, zegt Jorge, “ik heb nooit wat gemist; ik had een familie, een dak boven mijn hoofd, ik had genoeg te eten en ik ging naar school.”

Toch heeft Jorge vaak conflicten thuis. Als tiener sluit hij zich steeds meer af van zijn familie. “Vaak zat ik op mijn kamer hard-rock muziek te luisteren. Op school ging het goed, tot de vierde klas van de havo. Ik begon steeds meer te spijbelen en bleef twee keer zitten. Op mijn zestiende ging ik van school om werk te zoeken.”

Hij vindt een baantje als ober in een hard-rock society. Jorge: “Dit was het helemaal; mijn muziek, mijn sfeer, mijn eigen terrasje waar ik bediende…” Tijdens zijn schooltijd rookte hij al stiekem sigaretten en dronk hij bier op feestjes, nu hij in de horeca werkt, gaat hij meer drinken en meer roken. Na het werk gaat Jorge vaak met zijn collega’s naar discotheken, ook al is de minimum leeftijd officieel achttien.

Cocaïne

Hoewel hij door zijn werk omringd wordt door dealers en drugsgebruikers, weigert Jorge in eerste instantie zelf drugs te gaan gebruiken of te gaan dealen. “Er liep van alles rond in de drugsscene,” vertelt Jorge, “mariniers, gevluchte criminelen, Duitsers, Colombianen. Ik kreeg van alles aangeboden - ‘blowtje?’, ‘snuifje?’ - maar deed er nooit aan mee.” Tot zijn achttiende verjaardag.

Hij krijgt voor weinig geld cocaïne aangeboden en begint het met kleine snuifjes te gebruiken. Jorge: “Dit ging een tijdje goed, totdat anderen merkten dat ik gebruikte en me meetrokken in meer gebruik. Het waren enorme kerels die enorme lijnen coke snoven. En ik was maar een klein kereltje die ook zulke lijnen ging snuiven. Zo ging het van kwaad tot erger.”

Jorge heeft een behoorlijk salaris en woont nog thuis, dus kan hij al zijn geld uitgeven aan zijn verslaving. “Ik kwam alleen thuis om te slapen, vaak midden in de nacht.”, vertelt Jorge. “Mijn leven bestond uit naar het strand gaan, drinken, blowen, coke snuiven en vrouwen versieren.”

Colombia

Vanaf zijn havo-tijd heeft hij een vriendin. Op zijn twintigste gaat hij met haar samenwonen, wat op Curaçao niet erg geaccepteerd wordt. “Mijn verslaving heeft haar kapotgemaakt”, zegt Jorge. “Ik was ontrouw, bracht geen geld in het laatje en deed niets anders dan gebruiken.”

Op een dag, Jorge is dan 22 jaar, staat zijn vader op de stoep met de mededeling dat Jorge de volgende dag naar Colombia vertrekt om af te kicken. Dit betekent het einde van zijn relatie. In Colombia verblijft Jorge drie maanden in een programma voor detox (ontgifting). Daarna gaat hij er bij zijn familie wonen, ook in Colombia.

“Maar geestelijk was ik nog steeds verslaafd”, vertelt Jorge. “Dus ik ging stiekem de straat op om drugs te kopen van het kleine beetje geld dat ik kreeg.” Zo gaat het een paar maanden door.

Op een gegeven moment stuurt Jorges familie hem naar een christelijk afkickcentrum, Muro de la fe (‘Muur van hoop’). Jorge: “Daar kwam ik voor het eerst in aanraking met God. Er werd een bijbel voor me gekocht, want dat was verplicht. Ik zat elke dag urenlang in de bijbel te lezen. In de acht maanden dat ik in het centrum zat, heb ik de hele bijbel uitgelezen!”

Schizofreen

Al vanaf het begin van zijn gebruik heeft de drugs een bijzondere bijwerking voor Jorge: hij wordt er achterdochtig van, paranoia. “Ik vertrouwde niemand meer, ik zag en hoorde dingen die er niet waren.“ In Colombia is hij hierdoor heel agressief. Hij heeft vaak ruzie en valt zelfs iemand aan met een Imageschroevendraaier. “Ik gebruikte niet meer, maar had nog wel het gedrag van een drugsgebruiker onder invloed.”

Een psychiater stelt de diagnose: Jorge is schizofreen. Jorge wordt opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis. Hier verzet hij zich tegen alles. “Ik wilde gewoon terug naar Curaçao!” Dat doet hij dan ook, na zijn ontslag uit het ziekenhuis. Direct gaat het fout: “Ik ging van het vliegveld naar de dealer. De detox, het afkickcentrum, de psychiatrische ziekenhuis, alles was voor niets geweest.”

Motivatie

 Een aantal jaren en vele opnames bij afkickklinieken verder, komt Jorge terecht in een inloophuis. Hier komt hij in contact met de ergste vorm van verslaving op Curaçao: ‘basen’ (roken van cocaïne). “Iedereen liep daar met een base-pijp rond. En iedereen zei: ‘begin er nooit aan!’” Toch zwicht Jorge ook deze keer en raakt hij verslaafd aan het ‘basen’.

Medewerkers van het inloophuis sturen Jorge naar een motivatiecentrum. Daar vertellen ze hem dat er een nieuwe verslavingskliniek komt, opgezet vanuit De Hoop in Nederland en ze raden hem aan om daarheen te gaan.

Jorge wil graag van de drugs af. “Plotseling besefte ik dat iedereen om me heen vooruit was gegaan, behalve ikzelf. Mijn broer kwam terug uit Nederland, hij had gestudeerd en had een lieve vriendin, mijn zusje had haar school afgemaakt, iedereen had wat bereikt, behalve ik. Toen ik geld had, had ik ‘vrienden’ en toen mijn geld op was, waren ze verdwenen. Ik had niets meer. Geen werk, geen vrouw, geen leven!”

Kwaliteit

Zo komt Jorge in januari 2003 terecht in het nieuwe centrum Speransa, wat ‘Hoop’ betekent. “Ik zette een punt achter alles, ook achter roken en alcohol. Ik gaf me helemaal voor mijn behandeling. Ik kreeg opnieuw een kans en die heb ik met beide handen aangegrepen!”

Bij Speransa wordt Jorge erg geraakt door de liefde van de medewerkers voor de verslaafden. “Ik kon niet geloven dat iemand zich bekommerde om mensen als ik, mensen die door de maatschappij zijn uitgestoten, die hun hele leven gelogen, gestolen, opgelicht en kapotgemaakt hebben.” Jorge hoort voor het eerst dat hij er mag zijn, dat hij waardevol is.

Ook leert Jorge bij Speransa God echt kennen. Eerder geloofde hij wel in het bestaan van God, maar nu pas ervaart hij het ook. Nu pas wil hij echt voor God leven. “Mijn geloof groeide hard bij Speransa. Iedere dag begonnen we met God, we deden bijbelstudies en praatten veel over God.”

De tijd bij Speransa doet Jorge erg goed. “Mijn leven begon voor het eerst kwaliteit te krijgen”, aldus Jorge. “Als je zo diep in je verslaving vastzit als ik, heb je echt geen enkele vorm van kwaliteit in je leven. Alles draait om kwantiteit; je wilt alleen maar zoveel mogelijk en zo snel mogelijk. Je zorgt niet meer voor jezelf. Speransa is een prachtig huis. Alles is netjes, schoon en modern. Dit is erg belangrijk voor een verslaafde.”

Nederland

Na tien maanden bij Speransa is Jorge zover dat hij zich wil voorbereiden op terugkeer in de maatschappij. Op Curaçao zijn wel mogelijkheden voor resocialisatie, maar dit zou betekenen dat Jorge in de omgeving komt te wonen waar hij vroeger zijn drugs kocht. In Nederland zijn meer mogelijkheden voor resocialisatie in een veilige omgeving. Ook vanwege zijn schizofrenie kan Jorge beter naar Nederland, daar is meer kennis en ervaring aanwezig. Ook komen er positieve verhalen van mensen die vanuit de Antillen bij De Hoop zijn opgenomen. Jorge besluit om zich bij De Hoop aan te melden en verhuist in december 2003 naar Nederland.

Bij De Hoop komt Jorge terecht op De Koers, één van de therapeutische centra. Na vier maanden mag hij naar De Brug, het resocialisatieproject, waar hij verder aan zichzelf kan werken. “Omgaan met mensen, zowel mannen als vrouwen, was iets dat ik echt opnieuw moest leren. Ik weet nu bijvoorbeeld ook wat vriendschap betekent. Een vriend hebben is niet zo moeilijk, maar een vriend zijn…”

Het aanpassen aan de Nederlandse cultuur kost Jorge weinig moeite (“mijn beste vriend is een Nederlander!”). Ook bij De Hoop ervaart Jorge veel liefde, en ook de aanwezigheid van God. “Ik ben erg veranderd, heb ook erg moeten veranderen. Toch heb ik mijn identiteit niet hoeven inleveren, dat vind ik zo bijzonder! ‘Leef bewust!’ zeiden ze tegen mij, ‘Neem je eigen beslissingen!’ Vroeger liet ik me altijd leven.”

Ervaring

Jorge is nu 29 jaar. Volgend jaar hoopt hij te beginnen met de opleiding SPW. Hij wil zijn eigen ervaringen gebruiken en met verslaafden gaan werken. Het liefst op Curaçao. “Maar ik ga pas terug als ik echt sterk in mijn schoenen sta! ImageHier in Nederland kost het me geen enkele moeite om van drank en drugs en sigaretten af te blijven, maar als ik alleen al denk aan Curaçao, denk ik aan dealers, aan drugs.”

Jorge wil ook zijn toekomst aan God overlaten. “Ik heb alles aan God overgegeven, mijn gedachten, spreken, lopen, handelen, alles wat ik ben en heb. ‘Laat uw wil geschieden in mijn leven, zelf kan ik het niet meer!’ ”

Als geen ander kent Jorge het gevaar en de verleiding van drugs. “Het lijkt zo mooi en ik moet eerlijk zeggen dat alles in het begin ook echt mooi is. Je kunt meer presteren, bent vrolijker, alles ziet er rooskleuriger uit. Maar ik heb in Colombia iets geleerd dat absoluut waar is: eerst is het de mens die de drugs gebruikt, daarna is het de drugs die de mens gebruikt!”

Harm Noordhof, De Hoop, Dordrecht 2004

Gepubliceerd op Keerpunt in 2007. Om reden van privacy is voor de hoofdpersoon door Keerpunt een schuilnaam ('Stanga') toegepast.

 
© 2020 Keerpunt
Joomla! is Free Software released under the GNU/GPL License.